Nee. Sinds 1 augustus 2021 mag een school in Nederland geen leerling uitsluiten van een werkweek, schoolreis of andere extra activiteit omdat de ouders de vrijwillige ouderbijdrage niet hebben betaald. Ook niet als het om een flink bedrag gaat, zoals €350 voor een werkweek naar Berlijn of de Ardennen. Je kind mag gewoon mee. Wel kan de school je vragen om te betalen, en is het netjes om op tijd te laten weten als dat bedrag voor jou niet haalbaar is.
Wat zegt de wet precies?
De regel komt uit de Wet vrijwillige ouderbijdrage, die geldt voor het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het speciaal onderwijs. De kern is simpel: alles wat een school vraagt naast het verplichte lesprogramma is vrijwillig. Denk aan een excursie, het kerstdiner, een sportdag op locatie, een schoolkamp of een buitenlandse werkweek. Een school mag daar een bijdrage voor vragen, maar mag een kind niet weren als die bijdrage uitblijft.
Dat staat ook in de schoolgids. Daarin moet de school duidelijk vermelden dat de bijdrage vrijwillig is en dat geen enkel kind wordt uitgesloten. Lees je iets anders in een brief of mail van school, dan klopt die brief niet met de wet.
En als de werkweek bij het lesprogramma hoort?
Dan is het zelfs nog duidelijker. Activiteiten die onderdeel zijn van het verplichte onderwijsprogramma, bijvoorbeeld een excursie die meetelt voor een PTA-cijfer, moet de school zelf betalen uit de rijksbijdrage. Daar mag helemaal geen ouderbijdrage voor gevraagd worden, ook niet vrijwillig als voorwaarde om mee te doen.
Waarom vraagt de school dan toch €350?
Scholen krijgen geen extra geld van het Rijk voor reizen en uitjes. Een werkweek met bus, overnachtingen, eten en activiteiten kost per leerling al snel een paar honderd euro. Zonder bijdragen van ouders kan een school zo'n reis vaak niet organiseren. Daarom vragen ze het geld wel, en rekenen ze erop dat de meeste ouders betalen.
Je mag de school dus niet kwalijk nemen dat ze om het geld vragen. Wat ze niet mogen, is druk zetten. Een kind apart nemen, op een lijst zetten van "niet betaald" of een alternatief programma op school aanbieden terwijl de klas weg is, valt allemaal onder uitsluiting.
Wat kun je doen als je het niet kunt betalen?
Je hoeft niet uit te leggen waarom je niet betaalt. Toch helpt het vaak om even contact op te nemen met de mentor of de administratie. Veel scholen bieden een betalingsregeling aan, bijvoorbeeld in drie of vier termijnen, of hebben een eigen potje voor gezinnen die het krap hebben.
Daarnaast zijn er een paar plekken waar je kunt aankloppen:
- Stichting Leergeld helpt in veel gemeenten met schoolkosten, waaronder schoolreizen en werkweken.
- Veel gemeenten hebben een kindpakket of meedoenregeling voor gezinnen met een laag inkomen, waarmee je een deel van de kosten vergoed kunt krijgen.
- Is je kind 18 of ouder en zit het nog op het voortgezet onderwijs, dan kan het mogelijk een tegemoetkoming scholieren aanvragen bij DUO.
Vraag deze hulp liefst ruim voor de vertrekdatum aan. Aanvragen bij gemeenten en stichtingen hebben vaak een paar weken nodig.
Zo pak je het aan als de school toch moeilijk doet
Krijg je te horen dat je kind niet mee mag zonder betaling, wijs de school dan rustig op de wet en op hun eigen schoolgids. Kom je er met de mentor niet uit, stap dan naar de directie. Daarna kun je de medezeggenschapsraad inschakelen, die moet instemmen met de hoogte en besteding van de ouderbijdrage. Helpt dat ook niet, dan kun je een klacht indienen bij de klachtencommissie van de school of een melding doen bij de Inspectie van het Onderwijs.
In de praktijk is één gesprek meestal genoeg. De meeste scholen kennen de regels goed en willen juist dat ieder kind mee kan. Een werkweek is voor veel leerlingen een van de leukste herinneringen aan de middelbare school, en die hoort niet af te hangen van de portemonnee van thuis.